Hoe kun je de pijnklachten verminderen of stabiel houden zonder (scherpe) uitschieters?

Om de pijn bij de bron aan te pakken of te behandelen, wordt gebruikgemaakt van pijnstilling met een perifere werking. Dit betekent dat de gebruikte pijnstilling een positief, pijnstillend effect heeft op de bron (oorsprong) van de pijn.

Deze pijnstillers kunnen worden onderverdeeld in twee groepen, namelijk paracetamol en non-steroidal anti-inflammatory drugs (NSAID’s). In het Nederlands is de vertaling: Niet-steroïde anti-inflammatoire geneesmiddelen (ontstekingsremmers).

Samen behoren deze twee soorten pijnstillers tot de basispijnstilling volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).

Paracetamol

De werking van paracetamol is nog niet volledig bekend, maar we weten wel dat het koortsverlagend en pijnstillend werkt. Het vermindert pijn door in te werken op het centrale zenuwstelsel (hersenen en ruggenmerg). Paracetamol blokkeert bepaalde chemische signalen, zoals prostaglandinen, die pijn versterken.

NSAID’s

Medicijnen zoals NSAID’s, bijvoorbeeld ibuprofen of naproxen, remmen het enzym cyclo-oxygenase (COX), dat nodig is voor de aanmaak van prostaglandinen. Hierdoor kunnen deze medicijnen menstruatiepijn en ontstekingsreacties verminderen of beperken, zoals vaak het geval is bij endometriose.